Wanneer we bij de auto aankomen is het laden van de accu's nog in volle gang,
want pontificaal steekt er een dikke stekker uit de achterzijde van de
bolide. Groene lampjes geven het laadproces aan. In totaal duurt het laden
van het accupakket zes tot acht uur, maar wanneer je de tweezitter aan een
400V- in plaats van een 230V-netwerk koppelt, kun je na 2,5 uur weer de weg
op. De e-Tron oogt als een R8, maar is dat niet precies. Beide auto's maken
gebruik van dezelfde componenten van de wielophangingen en ook het aluminium
space frame is van de sportwagen afgeleid. De koets is echter korter en
lager, maar weer wél net zo breed. Op dit studiemodel zijn de bodypanelen
van koolstofvezel (carbon).
Om te starten druk je op de startknop, waarna de meters voor snelheid en
verbruik/regeneratie volledig uitslaan. Vervolgens komt de selectiehendel
van de transmissie omhoog en klapt er een beeldscherm omhoog, waarop het
gehele elektrische systeem kan worden gecontroleerd. Verder blijft het ijzig
stil. Geen brullende V8-krachtbron of huilende V10-motor, die voor mooie
mechanische muziek zorgt. Simpelweg de voet van de rem en de bolide rolt
vooruit. Voor de aandrijving zorgen twee elektromotoren per as, vier stuks
in totaal derhalve. Die leveren gezamenlijk een vermogen van 230 kW/313 pk,
terwijl er bovendien een koppel van 4500 Nm wordt geleverd. Dat laatste is
eigenlijk een onwezenlijke waarde, je hebt er ook geen besef van wanneer vol
het stroompedaal wordt ingetrapt. Maar de e-Tron schiet er wel meteen als
een pijl uit de boog vandoor. Over de voor de zekerheid meegegeven
walkietalkie horen we uit de achter ons rijdende Highway Patrol-auto (we
krijgen voor de veiligheid escorte, de wagen kost miljoenen) dat de e-Tron
daarin niet kan worden bijgehouden. Of we iets rustiger willen rijden. De
elektrische Audi schiet uit de startblokken, maar als bestuurder mis je de
snelheidsbeleving totaal. Er is geen motorgeluid en ook 'schakelmomenten'
zijn er niet. De e-Tron heeft een geheel lineaire versnelling, die overigens
ook weer heel snel achter de rug is. Want na 4,8 seconden is de pret
voorbij. De auto rijdt dan met een snelheid van 100 km/u, waarna een
begrenzer vooralsnog een einde aan de pret maakt. Volgens Audi ligt de
haalbare topsnelheid op zeker 200 km/u. De ons achtervolgende politieman
doemt korte tijd later weer op in de 'binnenspiegel', als je ten minste dat
woord mag gebruiken. Het gaat feitelijk om een schermpje, waarop beelden van
de twee achterste camera's worden getoond. Buitenspiegels zijn er evenmin.
Daarvoor in de plaats ook weer camera's, waarvan de beelden aan de
binnenzijde van de A-stijl zijn te zien. De Auto e-Tron is een
vierwielaandrijver, waarbij 70% van de trekkracht naar de achterwielen gaat.
Er zijn verder keramische remschijven gemonteerd, maar die gebruik je
eigenlijk maar weinig. Je remt tot de laatste meters op de elektromotoren,
die de daarbij ontstane energie vervolgens opslaan in het
(vloeistofgekoelde) lithium-ion accupakket. Alle elektronica wordt ook nog
extra gekoeld door de rijwind. Het rooster achter op de auto opent zich
daarbij automatisch, net als het paneel in de flanken. Aan de voorkant
schuift er ook een transparant paneel naar achteren om rijwind door te
laten. De actieradius ligt volgens Audi op 248 kilometer, maar of dat
daadwerkelijk kan worden gehaald is vooralsnog niet te verifiëren. De
clignoteur gaat aan en een serie ledlampjes vormt een pijl voor de gekozen
rijrichting. Terug naar Audi's tijdelijke uitvalsbasis, nabij Malibu.
We zullen nog drie jaar moeten wachten op het uiteindelijke model. Audi hult
zich nog in stilzwijgen over de daadwerkelijke presentatie en (natuurlijk)
de prijzen. De Duitsers werken al geruime tijd aan deze bolide en ook de
komende tijd zal de ontwikkeling van batterijen en elektromotoren nog een
enorme vlucht nemen, dus veel reëels valt er nog niet over te zeggen. Maar
enkele tonnen zul je er zo voor kwijt zijn, dat is overduidelijk.